201501.13
0

Wet Werk en Zekerheid

Het arbeidsrecht/ontslagrecht gaat behoorlijk veranderen in 2015 en verdere jaren. Per 1 januari 2015 zijn al wijzigingen van kracht geworden; per 1 juli 2015 volgt een 2e tranche. Een aantal wijzigingen worden hier besproken.

Tijdelijke contracten

Vanaf 1 januari 2015 geldt dat in tijdelijke contracten van maximaal 6 maanden geen proeftijd mag worden opgenomen; dat geldt ook in een aansluitend contract.

In tijdelijke contracten mag nu alleen nog in heel specifieke omstandigheden een concurrentiebeding worden opgenomen.

Een belangrijke wijziging per 1 januari 2015 is ook dat in tijdelijke contracten van 6 maanden of langer uiterlijk één maand voor de einddatum de werkgever schriftelijk aan de werknemer moet laten weten of het contract stopt dan wel wordt voortgezet(aanzegbepaling).

Met ingang van 1 juli 2015 wordt de zgn. ketenbepaling van kracht. Een werknemer met een tijdelijk dienstverband komt eerder in vaste dienst. Al na 2 jaar(nu nog 3 jaar) en drie contracten volgt een contract voor onbepaalde tijd als de contracten elkaar binnen 6 maanden(nu nog 3 maanden) opvolgen. 

Vanaf 1 juli 2015 wordt de ontslagprocedure aanzienlijk veranderd.
Ontslag om bedrijfseconomische redenen en na langdurige arbeidsongeschiktheid loopt dan via het UWV en ontslag om andere redenen gaat via de kantonrechter.

Geeft het UWV geen toestemming voor ontslag dan kan de werkgever alsnog bij de kantonrechter toestemming vragen; ook de werknemer kan naar de kantonrechter als het UWV toestemming heeft gegeven en hij het daarmee niet eens is.

Een werknemer kan schriftelijk akkoord gaan met ontslag maar hij kan binnen 14 dagen er op terugkomen!

Bij ontslag zonder instemming van de werknemer en zonder toestemming van het UWV kan de werknemer bij de kantonrechter vragen om het terugdraaien van het ontslag of om een vergoeding.

De kantonrechtersformule wordt met ingang van 1 juli 2015 afgeschaft. Daarvoor in de plaats komt de transitievergoeding. 

Iedere werknemer die langer dan 2 jaar in dienst is heeft bij ontslag recht op eenderde maandsalaris per dienstjaar. Is iemand langer dan 10 jaar in dienst dan wordt de vergoeding een half maandloon per dienstjaar. Er geldt tot 1 januari 2020 een overgangsregeling voor oudere werknemers(50+). De vergoeding is maximaal € 75.000,00 of een jaarloon indien dat meer is dan € 75.000,00.